
Algemene
informatie over de Cavia
De wilde cavia komt voor op open vlaktes in Zuid-Amerika. Ze leven daar in groepen met een strenge rangorde. Cavia’s zijn een groot deel van de dag bezig met het zoeken naar voedsel en zijn daarbij vooral actief in de ochtend- en avondschemering. Ze slapen in holen die ze vinden of zelf graven. Al 9000 jaar geleden werd de wilde cavia door de Inca’s gehouden voor het vlees. Later is de cavia gedomesticeerd en verder ontwikkeld tot het dier dat we nu als huisdier kennen.
De cavia is een knaagdier dat veel als huisdier gehouden wordt. Cavia’s hebben een langwerpig, wat plomp lichaam met korte pootjes en kleine oortjes en ze hebben geen staart. Ze planten zich snel voort. Cavia’s zijn echte planteneters en hebben een knaagdierengebit met doorgroeiende tanden en kiezen. Er moet extra aandacht besteed worden aan de vitamine C voorziening in het voer. De gemiddelde levensverwachting van een cavia ligt tussen vier en acht jaar. Bij ver doorgefokte rassen ligt dit gemiddelde meestal iets lager.
Er zijn verschillende rassen cavia’s, die van elkaar verschillen in vachttype en kleur. De belangrijkste rassen zijn gladharig, langharig, rex (met gekrulde vacht), borstelharig en gekruind. Een volwassen cavia kan dertig centimeter lang worden en weegt rond 1 kilo. Een zeugje (vrouwtje) weegt vaak wat minder dan een beertje (mannetje).
Een cavia kunt u aanschaffen bij een dierenspeciaalzaak, een fokker of bij een asiel of knaagdierenopvang. Let op of de cavia levendig is, een schone vacht heeft, schone oren, ogen en neus heeft en of de tanden niet doorgegroeid zijn. Een gezonde jonge cavia zal eerder voor u vluchten dan naar u toe komen. Denk hieraan als u een cavia uitzoekt.

